05 nov Even de vleugels strekken
Beweging houdt duiven fit
Beweging is goed voor mens en dier. Vroeger was ik er ook voor om de duiven in de winter vast te houden, al was dat vaak uit gemakzucht. Nu mogen ze, zoals gezegd, bijna elke dag even vliegen. Uitgevlogen is dan ook direct naar binnen. Duiven laten slenteren op het dak is vragen om roofvogels. Op deze manier blijven ze fit en behouden ze hun opgebouwde spierkracht.
Dat verschil in spiermassa kun je overigens goed voelen wanneer je de vliegduiven in de hand neemt en vergelijkt met kwekers die niet loskomen. Alle duiven, zowel vlieg- als kweekduiven, zitten dag en nacht wel achter een gaasfront. Dat afharden doe ik al jaren.
Duiven die hier niet tegen kunnen, worden verwijderd. Onlangs nog een zomerjong en een oude duivin; ze snotterden een beetje en dan is het hier vertrekken. Ik ga zelden met individuele duiven naar een dierenarts. Ik ben zelf de geneesheer en wat niet gezond blijft, kan vertrekken.
In het najaar en de winter komen de duiven niet met andere duiven in contact, dus mogen ze eigenlijk niet ziek worden. Worden ze wel ziek in of vlak na de rui en krijgen ze zware tricho of difterie, dan is paratyfus vaak de onderliggende oorzaak.
Voeding en conditie
Ik heb ook een hekel aan vette duiven. Soms krijg je ze ergens in handen wanneer je op bezoek bent. Sommige lijken wel echte kiloknallers. Met zulke duiven beginnen kweken is wat mij betreft al gelijk met achterstand vertrekken.
Duiven worden niet vet van voer, maar van te veel voer. Geef ze maar onbeperkt gerst en ze wegen uiteindelijk ook twee kilo per stuk. Gerst krijgen ze hier nooit. Ik maak dagelijks een mengsel van drie delen Championsmix, één deel NPO-mix en één deel uit de mineralenemmer. Daar gaat een soeplepel Origanum Red overheen, tweemaal per week Prestavit, eenmaal per week het roze poeder van Mariën en dagelijks een halve schep gemengde grit.
Dat meng ik goed door elkaar en daarvan krijgen ze eenmaal daags een stenen pikpot per tien duiven. Dat is ruim voldoende om perfect door de rui te komen en mooi op gewicht te blijven. Alleen wanneer het echt vriest, krijgen ze iets meer.
Een slechte pen die een duif heeft gezet na een verwonding kun je, wanneer de rui ver gevorderd is, gerust trekken. Meestal komt die dan netjes terug. Een slechte broekpen hoef je echter niet te trekken. Zulke duiven hebben vaak boven hun kunnen gevlogen en die broekpen blijft meestal ieder jaar opnieuw slecht terugkomen.
Niet iedere duif is geschikt voor alles
Elke duif kan in principe de dagfond aan. Dat is een kwestie van training en voeding. Maar dat wil nog niet zeggen dat iedere duif ook geschikt is voor die afstanden. De meeste blijven uiteindelijk gewoon achter of zetten in het najaar, na een zware vlucht, een slechte broekpen.
Zelf zie ik graag een mooie, goed in de hand liggende duif met een zachte pluim en stevige, bijna gesloten stuitbeentjes. Ik hou niet van die extreem korte borstbenen. Maar ook dat alles samen wil nog niet zeggen dat je automatisch met een goede duif te maken hebt.
Een duif moet beschikken over een sterk genetisch pakket, met kwaliteit in ouders, grootouders en overgrootouders. En zelfs dan zitten er nog altijd meer tussen die het niet kunnen dan die het wel kunnen.
Zo heb ik al heel wat goed gebouwde zomerjongen uit topkoppels gehad die later erg goed bleken te kweken. Maar ik heb ook genoeg uitstekend presterende vliegers gehad die zelf nauwelijks iets voortbrachten. Sommige daarvan deden dat vervolgens weer wel in de tweede generatie.
Een duif moet bij het soort passen
Van vrienden kreeg ik in het verleden regelmatig goedbedoeld duiven uit hun allerbeste kwekers. Sommige ervan gaf ik korte tijd later alweer terug, terwijl er niet eens mee gekweekt was.
Wanneer zulke duiven direct opvallen tussen de eigen stamduiven, dan passen ze daar vaak simpelweg niet tussen. In dat geval kun je jezelf beter de moeite besparen om ermee verder te gaan. In veel gevallen wordt het niets en heb je uiteindelijk ook niets meer van de eigen duif die je ertegen had gezet.