Was het voorheen alles in het westen, nu is het dus alles in het oosten — en niet één westelijk gelegen hok in de top 100. Zelf zit ik ertussenin, dus hier is de wind alleen in het voordeel met een noordenwind.

In het eigen vlieggebied A werd begonnen met de 1e, en de duiven sloten na de 2e redelijk goed aan. Het gaat alle weken wat vooruit. Er komen nog mooie vluchten genoeg aan, al zal de 1e winnen in zo’n breed spel niet vaak mogelijk zijn.

Windvoordeel en uitslagen

Ik had het er met goede vriend Davy Tournelle nog over: als je op de kant woont, west of oost, dan kun je meerdere keren per jaar vluchten winnen of domineren. Zo had ik hem al voorspeld dat hij wel eens voor de nationale zege kon gaan met deze westenwind.

De zege werd het niet — 3e, 4e en 12e Nationaal bij de jaarlingen — maar een knaluitslag werd het wel. Een goed hok duiven, dan de wind in het voordeel, en dan is het rammelen.

Te breed spel en stijgende kosten

Het spel bij ons is, zoals gezegd, veel te breed. Ik neem aan dat ze dit najaar grondig gaan evalueren. Beter is dat ze dat al doen vóór de start van de NPO‑vluchten met de jongen, om nog meer verliezen en ontmoediging van liefhebbers te voorkomen.

Zo had men Zeeland en Brabant intact moeten laten en daar gewoon NPO‑vluchten moeten houden. Was het dan westenwind, dan konden de Zeeuwen in hun eigen afdeling top 10 spelen. Was het oostenwind, dan hadden de Brabanders top 10 kunnen pakken in hun afdeling. Vervolgens had men op dagfond en midfond daar nog een sectorale uitslag naast kunnen leggen.

Nu mopperen er heel veel liefhebbers en gaan er veel stoppen. Wat denk je van vrachtprijzen van €1,10 per duif voor een opleervlucht van 55 km? Dat gaat nergens meer over.

Bijvoorbeeld: 7.500 duiven in concours is €8.250,-. Verbruikt die wagen nou zoveel diesel? Zijn die chauffeurs zo duur? Of moet er heel veel in de spaarkas? Wie het weet, mag het zeggen. De sport onnodig duurder maken slaat nergens op.

Eigen systeem: opleren, voeren en fouten uit het verleden

De eigen jongen breng ik zelf wel op 55 km. Kost me nog geen €25 aan diesel op en neer, en dan heb ik ook zelf de lostijd in de hand. Ze hebben nu vier keer 30 km gedaan, dus in principe kunnen ze in één keer mee naar Bierges (91 km). Maar ik vermoed dat het afgelast zal worden met de hoge verwachte temperaturen op vrijdag en zaterdag.

De oude zijn, zoals gezegd, een flink stuk verbeterd — nu moet het nog wat doorzetten. Ze krijgen elke avond een Octavit‑capsule opgestoken; ze gaan immers elke week de mand in, ook tussen de dagfond in. In de ochtend krijgen ze nu enkel NPO‑mix, in de avond Basis, zoveel ze lusten — en dat bevalt me goed.

Met de NPO‑mix valt het nog wel mee, maar het is oppassen met extra vetten in de vorm van pinda’s of schapenvet met deze hoge temperaturen. Je schaadt er meer mee dan dat je goed doet.

Zo ben ik daar meerdere jaren geleden al mee op mijn bek gegaan. Toen gaf ik nog gemalen pinda’s, kaas en schapenvet elke avond. We kregen een warme en zware dagfond; de duiven kwamen verrot thuis en hun kroppen stonken gewoon toen ik hun bek opende.

Ik had dat destijds besproken met wijlen John Rockx. Hij vermoedde al dat het kwam door de vele vetten in combinatie met de warmte. Ik heb ze toen de hele week Naturaline gegeven, waardoor ze weer bekwamen.

De oude duiven gaan zaterdag alweer mee naar Melun (351 km). Zo het er nu naar uitziet, gaat de helft van de jongen de week erop naar Bierges (91 km).

Het zit aardig op schema. Ik laat ze mand voor mand (10 stuks) los op 30 km en alles komt elke keer weer huiswaarts. Sommigen doen er wat langer over, maar die vallen uiteindelijk vanzelf af. Er zijn maar weinig echt goede duiven, dus in die groep jongen zitten er heel wat die het niet kunnen.

Ik ga ze de eerste vluchten wel spreiden, om bij een slechte lossing nog wat over te houden en niet alles in één wedstrijd te hebben.

Bezoek aan een nationale topper

Zo sprak ik de winnaar van Nationaal Argenton bij de jaarlingen, Johny Jonckers uit Drieslinter (België). Deze krasse, bijna 83‑jarige liefhebber speelt al jaren super, samen met zijn vrouw Magda.

Ik was daar in 2011 en haalde toen een superduivin — schijnbaar zit dat soort nog steeds in de winnaar van nu. Johny vertelde me dat hij stevig met zijn gezondheid gesukkeld had en daarom alle oude vliegduiven verwijderd had. Nu gaat alles weer goed en speelt hij met 24 jaarlingen, en zo ik het begreep heeft hij er weer volop zin in.

Een geweldige prestatie: hij won 2 en 16 over de gehele lossing en 1 en 12 bij de jaarlingen. Fijne mensen, net zoals Herman Bevers en wijlen Dirk van Dyck.

Ik heb met hem afgesproken om daar binnenkort nog eens heen te gaan, naar het Belgische Limburg.

Opleren jonge duiven

De jongen zijn tot nu toe vier keer weg geweest: 10 km – 15 km – 20 km – 30 km. Ze zullen nog een paar keer 30 km doen en dan kunnen ze mee. Verder rij ik niet — totaal zinloos en pure tijdverspilling. En natuurlijk ging het niet altijd vanzelf; vaak moest de helft één voor één terugkeren, maar dat boeit me verder niet.

Dat korte stukjes lossen doe ik niet. Je kunt ze dertig keer wegbrengen voordat je op 30 km zit, en de 31ste keer gaat het fout en ben je de helft kwijt.

Ze zijn weer helemaal gezond en eten weer top. Wel zet ik ze nog op 50% NPO‑mix en 50% basis, en krijgen ze elke ochtend Origanum Red en Champions Mineralenmix.

Oude duiven richting het weekend

De oude duiven vliegen aankomend weekend Melun en zullen allemaal meegaan. Ik vond dat ze afgelopen weekend niets geleden hadden; maandagochtend hebben ze gewoon weer goed getraind aan huis.

Wel heb ik ze elke dag een Octavit‑capsule gegeven, en dat blijf ik nu doen nu de vluchten verder zijn en ze elke week de mand ingaan. Heel wat overnachtspelers doen dat zo, en staan er dan van te kijken dat die duiven thuiskomen zonder echt geleden te hebben.

Octacosanol heeft een opbouwfase nodig — dat werkt alleen als je het dagelijks geeft. Verder is het gewoon een natuurproduct, net als whey‑eiwitten met toegevoegde vitaminen in de Octavit.

Voer en indianenverhalen

Gisteren werd ik weer gebeld door liefhebbers dat onze mengelingen niet voorradig waren in de Van Tilburg‑shop, en dat er gezegd werd: “Neem die maar, dat lijkt erop.” Geloof dat maar niet. Alleen de mengeling in onze blauwe zakken is de originele.

We hebben weken geleden al aangegeven aan Ronny dat de grove maïs vervangen moet worden door de wat fijnere maïs die er voorheen in zat, en dat het aandeel soja verminderd moet worden. Ik ga ervan uit dat dat gebeurd is — zo niet, dan ook die klachten graag bij Ronny en niet bij mij.

Ronny kennende is dat opgelost. Veel duivenliefhebbers praten elkaar nou eenmaal graag na, dus ik kan niet op alle indianenverhalen ingaan. Ronny mengt het al jaren voor ons met de allerbeste granen; we hebben hem toegezegd geen concessies te doen.

Zijn de granen duurder geworden, dan moet de mengeling nou eenmaal in prijs omhoog — maar niet goedkoop proberen te houden door een alternatief te gebruiken. Wij staan voor kwaliteit, en daar gaan we voor.

Zoals eerder geschreven nam ik van elke pallet die hier geleverd werd een zak om bij de eigen duiven te voeren en er zo bovenop te zitten. Nu laat ik voor eigen gebruik een paar pallets per jaar bezorgen, en die zien er tot nu toe perfect uit — met iets te veel sojabonen, dus dat is aangegeven om te verminderen.

Verder is iedere liefhebber verschillend: bij de één blijft de soja liggen, bij de ander de tarwe, bij weer een ander de maïs of de paddy — en ga zo maar door. Gelukkig hoor ik die verhalen bij meerdere voerproducenten.

De oude duiven lijken de weg weer gevonden te hebben. Ze kwamen al heel wat beter naar huis dan de weken ervoor. De wind erachter blijft moeilijk, maar ik heb er vertrouwen in dat de stijgende lijn zich doorzet.

De jongen zijn inmiddels weer helemaal de oude; de mest is weer super. Vanaf vandaag gaan ze op pad — en dat zal nu elke dag zijn, de komende twee weken. Wie afvalt, valt af.

Argenton: nationale klasse

Dan de nationale vlucht uit Argenton. Ik heb met grote regelmaat contact met Davy Tournelle, Stefan Steenbergen en Oliver Sabol. Alle drie maakten ze er een feest van op Argenton — en dat vind ik dan ook weer mooi om te zien.

Onlangs was ik nog bij Oliver, en we hadden het over de nationale vlucht. Hij vroeg me wie volgens mij de favorieten zouden zijn. Ik vertelde hem dat het tussen hem en Rik Hermans zou gaan; bij beiden kwamen de duiven erg goed.

Ik had eerder dit jaar al gezegd — en geschreven — dat hij geen gewone liefhebber is, en dat het me niets zou verbazen als hij dit jaar al een nationale vlucht zou winnen.

Ik ben benieuwd hoe het met de jongen zal vergaan. Dan maken de eerste jonge duiven van de Eijerkamp‑hokken hun opwachting. Nu al, op de eerste Quiévrain‑vluchtjes, ziet het er veelbelovend uit.

Eén ding is zeker: in Brummen kunnen ze een parel toevoegen aan het toch al indrukwekkende kweekhok. Dit is een superduivin.

Overigens wint Oliver uiteraard de 1e Provinciaal bij de oude, maar ook bij de jaarlingen. Als ik het goed heb, is dit dus al zijn vierde provinciale overwinning in dit korte seizoen.

De Adeno heerste dit jaar stevig onder de jongen. Het was enkel slechte mest — geen kotsende duiven. En ik weet het: ik controleer de hokken voordat het licht aangaat. Dan is het een weekje dweilen in plaats van krabben.

Wel heb ik alle dagen de brander erdoor gehaald, die ik al jaren niet meer had aangeraakt. De jongen hebben in deze dagen 85% NPO‑mix gehad, met alle dagen Origanum Red erover en medicatie op het voer én in het water. Daarnaast kregen ze dagelijks Belgasol in het water.

Elke dag gaf ik ze een schoteltje Champions Mineralenmix met daarover de Mariën‑poeder ter beschikking. Ze zijn hier alle dagen tweemaal daags los geweest voor een training — en trainen deden ze: een vol uur per keer, stevig, ondanks de Adeno. Dat zal vast aan de hoeveelheid NPO‑mix liggen.

Enkele jongen die het erg moeilijk hadden om erdoor te komen, heb ik verwijderd. Uit ervaring weet ik dat die duiven toch nooit goed worden; het lijkt wel alsof er van binnen iets blijvend aangetast is.

Oude duiven richting het weekend

Bij de oude zijn er 12 naar La Souterraine (640 km): drie redelijk goede en de rest testers. De overige gaan naar 250 km — er komen nog vluchten genoeg.

Het zal zeker weer moeilijk worden om te lossen. Zondag lijkt voorlopig de beste kans om de duiven een droge terugreis te geven, al zullen onze Zeeuwse vrienden daar anders over denken met de WZW‑wind.

Internationale markt onder druk

Zo hoorde ik van een Chinese vriend dat de interesse om duiven te importeren tot een nulpunt gedaald is. Men moet tegenwoordig erg veel inleg betalen voor de one‑loft races daar, en het gokken op duiven is sinds kort verboden.

Dus eigenlijk is het daar hetzelfde als hier 25 jaar geleden, toen we ook niet meer konden poulen op de duiven. Nu moet er ook heel wat geld bijgelegd worden, en alles lijkt steeds duurder te worden: voeding, medicatie en transport.