Deze week gelukkig onder de 30 graden — beter voor mens en dier. Ik vind het nog steeds een flater dat de overnacht vorige week ingemand is met 41 graden in aantocht in Frankrijk. Typisch NPO: dat lijkt altijd maar door te moeten gaan. Dan denk ik wel eens na over welke belangen daar precies spelen.

Duiven kunnen perfect vliegen tot zo’n 30 graden; daarboven is het vragen om problemen. Zelf had ik de jongen wel enkele keren weggebracht, ook zondag nog op 35 km, en dat verliep zonder problemen. Ze vertrokken als een speer, mand voor mand los uiteraard, en aan het constateersysteem te zien haalden ze elkaar niet in.

Wel moet ik erbij vermelden dat ik erg vroeg weg rij. Al was ik niet alleen op de losplaats — meerdere liefhebbers stonden te lossen en waren ook vroeg op pad. Ze gaan deze week nog weg en dan is het gedaan met rijden. Tussen de vluchten door rij ik niet, behalve op de laatste NPO‑vluchten, omdat de dagen dan al korter worden.

Trainen en grenzen bewaken

Dat vele rijden in de week betaalt zich terug op de snelheid, alleen creëer je wel duiven die niet meer zonder kunnen. Hier zijn de jongen nu tien keer weg geweest voordat ze zaterdag naar de eerste prijsvlucht gaan. Ik hoorde dat sommige liefhebbers al 45 keer gereden hadden, maar na twee vluchten staan die vaak even ver als iemand die maar enkele keren weg geweest is.

Ik heb simpelweg de tijd en ambitie niet om alle dagen die duiven in de mand te steken en te rijden. Moet er ook niet aan denken met mijn rug — elke dag met die manden sleuren.

In Polen hadden ze afgelopen weekend een vlucht met 37 graden. Er waren duiven bij die enkele minuten na aankomst dood in het hok lagen: verkeerd gedronken onderweg of gewoon uitgeput door de omstandigheden.

In België weten de liefhebbers die Valence speelden waar ik over praat — ook dat was een groot drama. Uiteindelijk komen duiven haast altijd weer terug, maar dit is natuurlijk niet de weg.

De dagelijkse routine

De jongen heb ik karig gehouden met het warme weer. Ze luisterden minder doordat ze minder honger hadden, en sommige mochten dan ook gewoon verplicht de hele dag buiten blijven in de hitte — dan leren ze die streken vanzelf af.

Deze week ga ik ze wel wat zwaarder opvoeren richting hun eerste opdracht. En dan maar hopen dat de voorspellingen voor volgende week niet kloppen, anders zitten we weer in tropische temperaturen en schuift alles opnieuw op.

Zo gaan de oude doffers gelijktijdig met de jongen eruit. Ze vliegen dan met de vlag een uur verplicht. De doffers lopen allemaal in hun eigen hok binnen, dus dat valt me alles mee. Zodoende ben ik op twee uur met de training klaar: de duivinnen gaan er om 6 uur uit, daarna de jongen en oude doffers, en om 8 uur is het gedaan met trainen.

Jongen richting eerste prijsvlucht

De jongen werken deze week nog enkele trainingen af en dan kunnen ze in het weekend mee voor de eerste prijsvlucht. Er zijn er nagenoeg nog niet veel achter; op de tweede training verloor ik er een 25‑tal, waarna de coli toesloeg en ze een week nodig hadden om te herstellen.

Nu zijn ze inmiddels een keer of vier op 30 km geweest. Elke keer een groep van tien los, om de paar minuten, en die halen elkaar niet meer in. Zo doe ik dus niet mee met de training van de vereniging, waardoor er op de eerste prijsvlucht van 95 km nog wel enkele verloren zullen gaan — ze moeten dan uit de grote klad komen.

Vorige week hebben ze erg vroeg getraind en alle dagen water met elektrolyten gehad op halve dosering; met zulk heet weer drinken ze immers veel te veel en eten te weinig.

Oude duiven klaarstomen voor Bourges

Alle oude duiven worden klaargestoomd voor de Nationale Bourges, en dan maar afwachten hoe dat uit gaat pakken. Door de weersomstandigheden hebben ze een weekje verplichte rust gehad, en dan lopen er gelijk een paar duivinnen aan met elkaar, maar ik zie dat niet direct als een probleem.

Het wordt een grote lossing en dan kan er overal een vroege duif vallen — we gaan het meemaken.

Kwekers, verzorging en mineralen

De kwekers zijn, op enkele koppels na, uiteen. Die moeten nog wat jongen grootbrengen voor bonnenkopers die zich redelijk laat meldden. Ze krijgen nu om de paar dagen Sedochol, zodat ze weer mooi in kunnen pluimen richting het nieuwe kweekseizoen. Uiteraard ook elke dag Origanum Red en tweemaal per week Prestavit.

Verder krijgen alle duiven dagelijks Champions Mineralenmix op het voer met de Origanum Red daarover, plus tweemaal per week de roze mineralenpoeder van Mariën.

Code rood, dus terecht afgelast. Al hoorde ik van een duivenliefhebber uit Ierland dat hun duiven in Tourlaville vanmorgen gewoon om 6.30 uur gelost zijn. Hier ben ik blij dat alles afgelast is; je kunt aan de duiven zien dat ze het moeilijk hebben met dit weer.

Zo las ik nog een verhaaltje van onze NPO‑voorzitter dat overnachtduiven “best tegen deze temperaturen kunnen omdat ze meer gespierd zijn”. Wauw. Los ze dan maar eens met 41 graden — dan zie je vanzelf hoe dat afloopt. Jaarlingen op Agen, waarvan de meesten vorig jaar niet verder dan 200 km geweest zijn… nou, het zal mij benieuwen.

Natuurlijk kan ik ernaast zitten, maar de vogels in de natuur vliegen nog met hun bek open met deze temperaturen. Laten we hopen dat het volgende week wat af gaat koelen.

De plastic manden die men in België gebruikt zouden met deze temperaturen gewoon smelten. En nu is het ook oppassen voor luchtwegproblemen bij jong én oud.

Een nieuwe realiteit

Dat dit de trend gaat worden de komende jaren staat wel vast. Het zal steeds vaker tropisch worden, en we kunnen weinig anders dan de duiven aan de omstandigheden laten wennen. Hier is het nu alle dagen om 5.15 uur opstaan en rond 5.45 uur de eerste duiven laten trainen — dat zijn hier de duivinnen.

Daarna gaan de doffers er gelijktijdig met de jongen uit. Natuurlijk loopt er dan wel eens een oude doffer bij de jongen binnen, en dat is lastig te onderscheiden; de jonge doffers zijn inmiddels ook volwassen. Maar vinden doe ik die snel.

Rond 8 uur komt hier geen duif meer los die dag.

Aanpassen aan de hitte

Bij de oude duiven zijn de ramen afgeschermd zodat er niet te fel zonlicht in het hok komt.

De jongen kunnen de hele dag in de buitenren, waar ze ook goed gebruik van maken. Dit voorjaar heb ik daar een degelijk, regelbaar afzuigsysteem laten inbouwen voor deze warme dagen. Voorheen zaten er van die doucheventilatoren, maar die zaten telkens vast door het stof.

Met deze warmte krijgen de jongen, kwekers en oude duiven vrij lichte kost: 50% NPO-mix, 50% Basis. Ze blijven dan mooi rond, maar krijgen geen spijsverteringsproblemen — ze drinken immers meer dan nodig. Wel krijgen ze elke dag Origanum Red op het voer, wat ook goed is voor de luchtwegen.

Zoals gezegd leer ik nu niet op, al heb ik afgelopen zondag om 7 uur de jongen nog gelost op 30 km na de fikse regenbui die nacht. Maar deze week, met veel oostenwind en temperaturen boven de 30 graden, mij niet gezien.

Vluchten inkorten

De Belgen zouden aankomend weekend La Souterraine spelen, maar hebben wijselijk al ingekort naar Châteauroux. Wij spelen Gien (455 km), maar ook dat zouden ze eigenlijk moeten inkorten naar Melun — of een afstand waarbij we pas op vrijdag in hoeven te manden. De duiven hebben het immers zwaar met het transport, en op de Franse losplaatsen wordt het 40 graden.

Ik heb nogal wat goede liefhebbers gesproken die zaterdag gaan passen met het oog op de Nationale Bourges. Zelf moet ik eerlijk bekennen dat ik zelden goed was met duiven thuis houden. Ik weet dat ook Verkerk en meerdere liefhebbers elke week spelen met dezelfde duiven. Als ze conditie genoeg hebben, lijkt me dat ook geen probleem — in normale omstandigheden.

Hier ging de dagfond niet door. Ik had er wel twaalf opgegeven, maar had voor mezelf al besloten dat wanneer ze niet zouden inkorten, ik met alles naar Pont‑Sainte‑Maxence (289 km) zou gaan. Met deze tropische temperaturen is 650 km gewoon te veel, zeker omdat er in Frankrijk nog altijd een noordelijke stroming zit met meer dan 37 graden op de losplaats.

Natuurlijk vlogen we vroeger ook dagfond, al was het hier zelden verder dan 650 km. Ik heb, zoals gezegd, mijn hele leven tussen de aardbeien gezeten — ook met zomers boven de 30 graden — maar het lijkt wel alsof de warmte nu anders is dan vroeger. Veel minder zuurstof in de lucht.

Zo liet ik de jongen uit, en die zaten vrij snel alweer met de bek open op het hok. Daar komt nog bij dat de duiven nog helemaal niet aan de warmte hebben kunnen wennen; begin van de week had je nog een jas nodig.

Ik zie volgende week geen enkele vlucht doorgaan. De jongen opleren doe ik in ieder geval niet met deze temperaturen. Je kunt het hok beter nat maken of er een natte handdoek in leggen — dat is heilzaam voor de luchtwegen.

Duiven vaccineren of kuren met deze hitte is ook af te raden, net als vetten toedienen. Hier krijgen de jongen elektrolyten in het water; of dat nou Belgasol, Tollyamin of die elektrolytensticks uit de supermarkt zijn, maakt niet uit. Gewoon water drinken ze met deze warmte te veel, en daar worden ze alleen maar slechter van.