De eerste miserie

Elk jaar begint bij de jonge duiven de miserie, en vaak ligt het aan onszelf. De telefoontjes die ik dan krijg van Jan en alleman… en ik ben geen dierenarts. De grootste miserie is Adeno na een rotvlucht: stress van de grote mand, een moeilijke vlucht, en dagen later nog terugkerende, ontredderde jongen.

De eerste vijf vluchten moet je kort op de bal spelen: minimaal twee dagen kuren bij thuiskomst tegen Adeno, met daarbij wat Belgasol. Is de mest goed, dan kun je op de derde dag een bruistablet C geven.

Zo krijgen de duiven de eerste dagen na een vlucht meer NPO‑mix toegediend. Dat is lichter verteerbaar en ze krijgen toch voldoende bouwstoffen binnen. Met Prestavit daaroverheen hebben ze eiwitten genoeg.

Selecteren en aanpakken wat moet

Ik hanteer altijd de regel: wat de volgende ochtend voor 9 uur niet thuis is, komt er niet meer bij. Is het een duif waar ik wat in zie, dan gaat die een week apart en krijgt die genoeg eten met zuiver water. Bekomen ze daar niet van, dan verwijder ik ze. Diegenen die een week later wel herstellen, krijgen nog een kans — maar alleen als ik er 100% achter sta.

Na de eerste keer zitten de jongen vaak kop onder de luis; je ziet het aan de onderkant van de vleugels. Dat moet je gelijk aanpakken.

Lossingen en een scheef speelveld

Wij in Brabant zitten met een probleem dat de meeste liefhebbers niet kennen: we wonen aan de grens. Dat betekent dat eerst iedereen in groepen los moet, dan moeten de Belgische duiven thuis zijn van Quiévrain, en pas daarna mogen wij in groepen los — volgens het reglement.

Afgelopen weekend betekende dat dus 10.40 uur los, terwijl Zuid‑Holland altijd vroeg los gaat en de helft van onze problemen niet kent. Zaterdag spelen we bijvoorbeeld Quiévrain 145 km. Als dat weer 10.40 uur los is, arriveren die duiven hier met de voorspelde kopwind rond 12.30 uur. Dan hoef ik niemand uit te leggen dat het dan een pak warmer is dan voor de duiven van Zuid‑Holland, die vanaf 8 uur lossen.

Al wat dit teweeggebracht heeft, is het nationale vliegprogramma. Normaal begonnen wij eerder en zaten we qua lossingen veel verder, zodat we elkaar niet in de weg stonden en ook wij vroeg los konden.

Hetzelfde zien we nu met de nieuwe indelingen. Het zijn een stel slapers die dat zo uitgetekend hebben. We moeten in de lengte spelen en niet in de breedte. Zelfs de vlieggebieden zijn veel te breed; ook die hadden in de lengte gemoeten. Zeeland en Goeree‑Overflakkee bij elkaar, en het oude Brabant 2000 met de Hoeksche Waard bijeen — dan had je een spel in de diepte gehad. Maar er is weer wat neergekalkt zonder goed na te denken of enkele topliefhebbers te raadplegen, en dat kost jammer genoeg alweer een boel leden.

Hoe het ooit leefde — en hoe het nu wegvalt

Mannen zoals Ad Schaerlaeckens en Ludo Claessens hadden destijds wat om naar uit te kijken, zoals eigenlijk heel Nederland. We speelden Nationaal Orléans. Als je de oude films terugkijkt, zie je hoe dat leefde: helikopters met Chinese filmploegen die de lossing volgden.

En nu, dertig jaar later, is eigenlijk alles ontnomen door mensen met weinig tot geen kennis van zaken. Ze weten totaal niet wat er onder de liefhebbers speelt. Ze maken gestuurde enquêtes in hun eigen voordeel om alles te onderbouwen.

De Belgen hebben een massa nationale vluchten waarbij de wind altijd wel een keer voordelig is voor west, oost of middenlijn — en dat leeft daar. Mensen leven naar de Nationale Bourges met oud en jong toe. Gaat het mis of zijn de duiven niet in orde? Niet getreurd: binnen twee weken is er een nieuwe kans.

Ook nu weer hebben we een midweekse opleervlucht, en ook nu weer valt er te lezen: “Na 10 uur, eerst moeten de Belgische duiven thuis zijn.”

Bierges: eerste test voor de jongen

Eerst hadden we Bierges. De vlucht ligt heel oostelijk, en met een westenwind erbij waren de verwachtingen hier toch wat getemperd. De duiven zaten voor het eerst in de grote mand, en ik kan me niet herinneren wanneer ik zo weinig met de jongen op pad geweest ben. Nog geen tien keer, en dan in grote stappen — maar wel mand voor mand (tien stuks per keer) los om onnodige risico’s te spreiden.

Ze kwamen zoals verwacht uit het oosten weg, maar er zat snee op en ze wilden heel graag naar binnen. Ik begon tegen 2.235 duiven met 1‑2‑3‑4‑5‑6‑9‑10‑11‑13‑14‑15‑18‑22‑24‑25‑26, enzovoort. Ze kwamen zoals vanouds met de jongen. Nu maar hopen dat het blijft duren, al lijkt me volgende week geen vlucht met de voorspelde warmte. Hopelijk neemt het weer alsnog een andere wending.

Verzorging en dagelijkse opbouw

Ze hebben tot nu toe geen medicatie gezien, op drie dagen na toen er een Adeno‑uitbraak was. Wel krijgen ze elke dag een mengsel in een bakje op de vloer: 3 delen Champions Mineralenmix, 1 deel snoepzaad, 1 eetlepel Origanum Red en 1 eetlepel conditiemix van Mariën.

Zoals gezegd:

  • Ochtend: 50% Basis, 50% NPO-mix
  • Avond (begin van de week): 75% Basis, 25% NPO-mix
  • Avond (later in de week): 100% Basis

 

De Basis bestaat nu uit 3 delen Championsmix en 1 deel NPO‑mix. Bij thuiskomst krijgen ze 100% NPO‑mix met daarover een eetlepel Origanum Red en een maatschep Prestavit — ook op zondagochtend.

Châteauroux: sterke uitslag en opvallende prestaties

Na Bierges kregen we nog Châteauroux. Ook hier verwachtte ik de duiven in het oosten. Ze waren goed voorbereid en kregen alle dagen een Octavit‑capsule. Mijn eerste kwam al wat vanuit het oosten, en dat was ook te zien op de uitslag: de top‑10 van onze afdeling lag bij de oostelijk gelegen hokken.

Hier won ik alsnog de 12e NPO/Afdeling, en in Vlieggebied A Geel werd het tegen 667 duiven: 1‑6‑8‑12‑13‑15‑16, enzovoort — 22/30 prijs.

De Comb. Van Wanrooij uit Geffen won de 6e Nationaal met een kleindochter van Olympic Dragon. Die dochter gaf volgens mij al drie top‑10 NPO‑winnaars voor de combinatie — en dat valt daar niet mee. John heeft in al die jaren enorm geïnvesteerd in het beste wat er te koop is, en als je daar kunt presteren, moet je van goede afkomst zijn.

Goede vriend Davy Tournelle won de 2e nationaal Sancoins, en zijn 1e nationaal asduif was zijn derde aankomende duif — die titel is zo goed als binnen.

De Balkan Warrior van Team Eijerkamp won de 2e nationaal bij de oude in België en verliest het door getreuzel van zijn duif met een neuslengte. Ook Team Eijerkamp Nederland won de 7e nationaal Châteauroux — een topprestatie op die afstand tegen meer dan 36.000 duiven.

Team GPS leverde een wereldse prestatie met drie duiven bij de eerste vijf tegen meer dan 36.000 duiven — chapeau.

Deze week gelukkig onder de 30 graden — beter voor mens en dier. Ik vind het nog steeds een flater dat de overnacht vorige week ingemand is met 41 graden in aantocht in Frankrijk. Typisch NPO: dat lijkt altijd maar door te moeten gaan. Dan denk ik wel eens na over welke belangen daar precies spelen.

Duiven kunnen perfect vliegen tot zo’n 30 graden; daarboven is het vragen om problemen. Zelf had ik de jongen wel enkele keren weggebracht, ook zondag nog op 35 km, en dat verliep zonder problemen. Ze vertrokken als een speer, mand voor mand los uiteraard, en aan het constateersysteem te zien haalden ze elkaar niet in.

Wel moet ik erbij vermelden dat ik erg vroeg weg rij. Al was ik niet alleen op de losplaats — meerdere liefhebbers stonden te lossen en waren ook vroeg op pad. Ze gaan deze week nog weg en dan is het gedaan met rijden. Tussen de vluchten door rij ik niet, behalve op de laatste NPO‑vluchten, omdat de dagen dan al korter worden.

Trainen en grenzen bewaken

Dat vele rijden in de week betaalt zich terug op de snelheid, alleen creëer je wel duiven die niet meer zonder kunnen. Hier zijn de jongen nu tien keer weg geweest voordat ze zaterdag naar de eerste prijsvlucht gaan. Ik hoorde dat sommige liefhebbers al 45 keer gereden hadden, maar na twee vluchten staan die vaak even ver als iemand die maar enkele keren weg geweest is.

Ik heb simpelweg de tijd en ambitie niet om alle dagen die duiven in de mand te steken en te rijden. Moet er ook niet aan denken met mijn rug — elke dag met die manden sleuren.

In Polen hadden ze afgelopen weekend een vlucht met 37 graden. Er waren duiven bij die enkele minuten na aankomst dood in het hok lagen: verkeerd gedronken onderweg of gewoon uitgeput door de omstandigheden.

In België weten de liefhebbers die Valence speelden waar ik over praat — ook dat was een groot drama. Uiteindelijk komen duiven haast altijd weer terug, maar dit is natuurlijk niet de weg.

De dagelijkse routine

De jongen heb ik karig gehouden met het warme weer. Ze luisterden minder doordat ze minder honger hadden, en sommige mochten dan ook gewoon verplicht de hele dag buiten blijven in de hitte — dan leren ze die streken vanzelf af.

Deze week ga ik ze wel wat zwaarder opvoeren richting hun eerste opdracht. En dan maar hopen dat de voorspellingen voor volgende week niet kloppen, anders zitten we weer in tropische temperaturen en schuift alles opnieuw op.

Zo gaan de oude doffers gelijktijdig met de jongen eruit. Ze vliegen dan met de vlag een uur verplicht. De doffers lopen allemaal in hun eigen hok binnen, dus dat valt me alles mee. Zodoende ben ik op twee uur met de training klaar: de duivinnen gaan er om 6 uur uit, daarna de jongen en oude doffers, en om 8 uur is het gedaan met trainen.

Jongen richting eerste prijsvlucht

De jongen werken deze week nog enkele trainingen af en dan kunnen ze in het weekend mee voor de eerste prijsvlucht. Er zijn er nagenoeg nog niet veel achter; op de tweede training verloor ik er een 25‑tal, waarna de coli toesloeg en ze een week nodig hadden om te herstellen.

Nu zijn ze inmiddels een keer of vier op 30 km geweest. Elke keer een groep van tien los, om de paar minuten, en die halen elkaar niet meer in. Zo doe ik dus niet mee met de training van de vereniging, waardoor er op de eerste prijsvlucht van 95 km nog wel enkele verloren zullen gaan — ze moeten dan uit de grote klad komen.

Vorige week hebben ze erg vroeg getraind en alle dagen water met elektrolyten gehad op halve dosering; met zulk heet weer drinken ze immers veel te veel en eten te weinig.

Oude duiven klaarstomen voor Bourges

Alle oude duiven worden klaargestoomd voor de Nationale Bourges, en dan maar afwachten hoe dat uit gaat pakken. Door de weersomstandigheden hebben ze een weekje verplichte rust gehad, en dan lopen er gelijk een paar duivinnen aan met elkaar, maar ik zie dat niet direct als een probleem.

Het wordt een grote lossing en dan kan er overal een vroege duif vallen — we gaan het meemaken.

Kwekers, verzorging en mineralen

De kwekers zijn, op enkele koppels na, uiteen. Die moeten nog wat jongen grootbrengen voor bonnenkopers die zich redelijk laat meldden. Ze krijgen nu om de paar dagen Sedochol, zodat ze weer mooi in kunnen pluimen richting het nieuwe kweekseizoen. Uiteraard ook elke dag Origanum Red en tweemaal per week Prestavit.

Verder krijgen alle duiven dagelijks Champions Mineralenmix op het voer met de Origanum Red daarover, plus tweemaal per week de roze mineralenpoeder van Mariën.

Code rood, dus terecht afgelast. Al hoorde ik van een duivenliefhebber uit Ierland dat hun duiven in Tourlaville vanmorgen gewoon om 6.30 uur gelost zijn. Hier ben ik blij dat alles afgelast is; je kunt aan de duiven zien dat ze het moeilijk hebben met dit weer.

Zo las ik nog een verhaaltje van onze NPO‑voorzitter dat overnachtduiven “best tegen deze temperaturen kunnen omdat ze meer gespierd zijn”. Wauw. Los ze dan maar eens met 41 graden — dan zie je vanzelf hoe dat afloopt. Jaarlingen op Agen, waarvan de meesten vorig jaar niet verder dan 200 km geweest zijn… nou, het zal mij benieuwen.

Natuurlijk kan ik ernaast zitten, maar de vogels in de natuur vliegen nog met hun bek open met deze temperaturen. Laten we hopen dat het volgende week wat af gaat koelen.

De plastic manden die men in België gebruikt zouden met deze temperaturen gewoon smelten. En nu is het ook oppassen voor luchtwegproblemen bij jong én oud.