Selectie begint bij de basis

We kunnen doen wat we willen, maar als de kwaliteit op het hok ontbreekt, wordt het niets. Vandaar dat ik mijn hele leven al hard selecteer — en dat begint bij de jonge duiven. Ook nu zijn er al enkele verwijderd die niet in de pas lopen.

Ook de oude duiven moeten in de pas lopen. Ik heb een hekel aan vechtersbazen die alles kapot vechten, en aan duiven die niet binnen willen komen. Die verwijder ik zonder naar hun prestaties te kijken.

Op het hok moet alles gesmeerd lopen. Jonge duiven die in elkaar zitten, schreeuwers of bange duiven blijven hier niet. Ook duiven die regelmatig op andere plekken binnen springen zijn aan mij niet besteed.

Kwaliteit boven kwantiteit

Onze duiven komen niets tekort. Ik houd liever wat minder duiven zodat ik ze goed kan verzorgen en ze de allerbeste voeding en bijproducten kan geven, dan dat ik alles half doe met goedkope troep.

Ik verwacht veel van onze duiven, dus is het aan mij om ze te begeleiden zodat ze niets tekortkomen — en dat gebeurt hier 365 dagen per jaar. Ook bij thuiskomst worden de duiven uitstekend verzorgd en opgevangen. Vandaar dat ik niet te veel oude duiven wil; zelfs op de allerbeste hokken draait het om een handjevol superieure duiven.

Ik ga er graag op uit als de duiven thuis zijn, maar nooit voordat alles goed verzorgd is.

Samenkweek en nieuwe kansen

Elk jaar zoek ik naar enkele nieuwe duiven die me goed aanstaan. Het liefst doe ik aan samenkweek met topduiven; daar ben ik al vaak goed mee geweest. Maar het moet klikken — zowel met de duif als met de liefhebber. Als het vertrouwen niet wederzijds is, kun je het beter niet doen.

Mijn Chinese vriend koopt elk jaar wel enkele duiven ergens aan die ik een jaar mag gebruiken als ik dat wil. Het ene jaar zijn die aankopen beter dan het andere. Afgelopen jaar was ik erg goed met twee duiven uit Ponto van Verkerk — een halfbroer en halfzus. Ik heb daar nog zomerjongen van gekweekt om het kweekhok aan te vullen voordat ze naar China gingen.

Ik had die twee ook nog even tegen elkaar gekoppeld, halfbroer maal halfzus, net voor vertrek. Ik kweekte er twee laatjes uit — zelden zulke mooie duivinnen gezien. Uiteraard wordt daar volgend jaar volop van gekweekt; bij sommige duiven zie je gewoon dat het goed gaat komen.

Laatjes kunnen goud waard zijn

Zo had ik ooit met Willem de Bruijn een jong geruild. Willem mocht hier uitzoeken uit zes jongen van het Gouden Koppel — daar zaten ook twee hele late bij. Die twee laatjes zette hij opzij; geen interesse.

Ik besloot die twee laatjes in maart met twee oude kweekdoffers in een hok te zetten. Uit de ene kweekte ik Pure Gold, tweevoudig 1e Nationaal Asduif Jong. Uit de andere kwam een jong dat bij Jan Timmermans 3e Nationaal Asduif werd.

Beide laatjes waren al toegezegd aan mijn Chinese vriend — die heeft er nu twee superkweekduivinnen aan waar hij al heel wat mee gewonnen heeft. En Willem was ook succesvol met zijn keuze.

Laatjes kunnen dus zeker, maar dan moeten het wel plaatjes zijn. En je moet ze het eerste jaar laten uitgroeien — het jaar erop herken je ze vaak niet meer terug.

Jammer dat we nog met de vogelgriep zitten; met dit mooie voorjaarsweer zou je zo willen beginnen aan het nieuwe seizoen.

De jongen vliegen inmiddels al goed rond en ook de oude duiven voeren de training al op. Die vliegen hier nog vrijwillig zolang ze zelf willen.

Een bezoek aan Roodhooft

Deze week ben ik nog op bezoek geweest bij Oliver Sabol op de hokken van André Roodhooft, die inmiddels zijn aangekocht door de familie Eijerkamp.

Roodhooft was zijn tijd ver vooruit: de hokken waren dertig jaar geleden al voorzien van mestbanden, afzuiging, rolluiken en alle gemakken van dien. Ook de kwekers waren gemakkelijk van buitenaf te verzorgen, met een volledig gaasfront.

Ik had verschillende duiven in handen — alles was blijven zitten — en de kwaliteit is erg hoog. Ik verwacht dan ook dat Oliver dit jaar zeker de Belgische top gaat bestijgen; dat heeft hij wel in zijn vingers. En het is een prachtlocatie om te wonen, midden in de weilanden.

Nederland en België: toekomst van de sport

Voor Nederland zou het mooi geweest zijn als we in België mee hadden kunnen spelen. Ik zit zelf amper 35 km van de locatie van Roodhooft; ik rij er in 45 minuten heen.

De duivensport krimpt nu eenmaal in zowel Nederland als België. Binnen nu en vijf jaar zal men misschien toch de handen ineen moeten slaan.

Nieuwe mengeling en distributie

De vernieuwde mengeling in de nieuwe zakken vindt inmiddels zijn weg in de winkels. We hebben alles uit handen gegeven aan Ronny van Tilburg, die de verzendingen netjes afwerkt. Ronny bepaalt de prijs voor de nieuwe zakken en producten.

Volgende week worden er nieuwe productfoto’s gemaakt, zodat wijzelf en alle winkeliers hun websites en webshops kunnen bijwerken. Ook zullen wij onze productpagina’s nog updaten en staat er al een actueel voedingsschema op onze website. Deze vind je via deze link.

Voor klanten buiten Nederland en België wordt het alleen maar gemakkelijker nu Ronny de verzendingen doet. Met zijn eigen voeders zit hij al op veel plekken wereldwijd, en die klanten kunnen nu dus ook gemakkelijk de Embregts‑Theunis‑producten mee laten komen.

We weten dat onze mengelingen ook gretig aftrek hebben in bijvoorbeeld Italië, Polen en Ierland. Ook voor Wales, Engeland en Duitsland wordt het nu een stuk eenvoudiger om eraan te geraken.

Bron foto: Facebook Vogelspeciaalzaak W Brabers/123vogelproducten.nl

Beurs en drukte op het hok

De beurs is weer achter de rug. Ik ben dit jaar niet geweest; ik krijg steeds vaker dat déjà-vugevoel zodra ik binnenkom. Ik ben ook niet zo’n sociaal dier dat om aandacht verlegen zit van Jan en alleman, en eerlijk gezegd heb ik het met dit mooie weer veel te druk met de duiven.

Zoals gezegd is het een drukke bende. De vliegers zitten met grote jongen én jongen van veertien dagen (de verlegde koppels). Ze zijn inmiddels al even buiten geweest om over te wennen naar het hok vanwaar ze dit jaar vliegen. Lang vliegen is er nog niet bij, en dat hoeft ook niet. Met dit weer zitten ze zo in conditie, terwijl het vliegseizoen pas over zes weken losbarst.

De kwekers zijn ondertussen nog volop bezig met het opkweken van jongen. Er zitten al een dikke negentig jongen af en die komen al buiten. Om alles te voorzien van hun natje en droogje en alles schoon te maken, ben je toch even zoet.

Gemak dient de mens

Door de jaren heen ben ik gemakkelijker geworden, mede door die vervelende rugkwaal waar ik niet meer vanaf raak. Vroeger stopte ik de jongen regelmatig in de mand om ze aan de mandstress te laten wennen, en hing ik daar water aan zodat ze leren drinken. Dat is inmiddels verleden tijd; ik steek daar geen moeite meer in.

Tegenwoordig handel ik meer zoals in de jaren ’90. Toen deed ik dat nooit door tijdgebrek, en de duiven kwamen er zeker niet slechter door. Je kunt de jongen drie dagen in de mand zetten met een drinkgoot eraan; laat je ze eruit, dan snelt 95% naar de drinkpan omdat ze in de mand niet gedronken hebben.

Mijn redenering was altijd: als ze een ander zien drinken, moeten ze dat zelf ook maar doen. In het hok is het immers niet anders. Ik stop er nooit eentje in de drinkgoot en nog nooit is er een omgekomen van de dorst. Wel ben ik voorstander van minder jongen in de mand bij warm weer, en de eerste keer twee nachten mand zodat iedereen bij de drinkgoot kan komen. Dan maar wat meer vrachtgeld betalen.

Selectie en oude gewoontes

Vroeger startte ik met achttien weduwnaars. Na zes vluchten had ik er al twaalf verwijderd — niet goed genoeg. Ik speelde toen uitsluitend vitesse en midfond.

Heel wat oudere liefhebbers begrepen mijn strategie niet; volgens hen was de sfeer uit het hok. Toch klokte ik vaak alle zes aanwezige duiven ruim één op honderd in de prijzen, tegen toen nog wekelijks meer dan 6000 duiven. Die stonden uiteraard bomvol ingezet. Het aantal tv’s dat ik elk jaar won was zo groot dat ik er meerdere weggaf. Met het gewonnen poulgeld werden na het seizoen altijd duiven aangeschaft om nog beter te worden. Aankomen waaien is het hier nooit geweest.

Zo kiemde ik vroeger granen, totdat ik inzag dat het allemaal lariekoek was. Het opleren van de jonge duiven gebeurde vroeger door tijdgebrek pas enkele weken voor de eerste vlucht. Vaak in de middag, als de aardbeien geoogst waren. Dat het dan vaak boven de 25 graden was, deerde de duiven niets.

Ik had — en heb — een hekel aan duiven die in de avond vliegen. Je ziet dan amper een vogel in de lucht; het is onnatuurlijk.

Voer, opleren en eenvoud

Met het voer had ik het al snel bekeken. Vandaag dit, morgen dat — dat was niets voor mij. Ik gebruikte al snel de twee zakken van Teurlings: de AS‑mengeling voor jong en oud.

Ik wilde dat nog verbeteren om maar één zak te gebruiken het hele jaar rond. Vandaar de Championsmix. Later maakte ik daar de NPO‑mix bij om de duiven op te voeren na hun laatste maaltijd.

Opleren van oude duiven vind ik totaal niet nodig. Vaak gaan die één, soms twee keer naar 30 km en dan gelijk op de eerste klokvlucht. Kuurtjes voorafgaand aan het seizoen doe ik al jaren niet meer aan. Half maart ga ik naar De Weerd met mest en duiven. Mankeren ze niets, dan wordt er niets gedaan — ook niet tegen lichte tricho.

Hoe ouder je wordt, hoe gemakkelijker je lijkt te worden. Mijn aandacht gaat ook uit naar andere dingen dan alleen de duiven. Het is vooral belangrijk de duiven goed te observeren. Na enkele vluchten weet je al snel welke de beste gaan worden en wie er niet bij gaan komen, zowel bij de jongen als bij de oude. Die verwijder je beter, zodat je meer aandacht kunt steken in diegene die het wel verdienen.

Bij de Dutch Stars Top 100 op dit moment op GPS‑Auctions staat nog een bon van mij bij deel 5. Doe er uw ding mee. Aan huis wordt niets verkocht in het vliegseizoen; ik wil die aanloop niet. Vandaar ook maar enkele geschonken bonnen. Ik weet bijna nooit wie de bonnen gekocht hebben, dus neem zelf contact met me op. De kwekers zitten nog bijeen tot juli.

In de afgelopen jaren heb ik heel wat eitjes verhuisd naar Jan in Friesland — toch dik tweeënhalf tot drie uur rijden vanaf hier. Soms verse eitjes, soms een dag of tien oud, en sommige vielen onderweg zelfs uit. Toch gebeurde het zelden dat er enkele niet uitkwamen.

Ook heb ik wel eens ouders gehad die hun jongen van een paar dagen oud in de steek lieten. De jongen waren dan koud of dood. Ik plaatste ze voor de zekerheid onder een ander koppel, en vaak zag je ze weer tot leven komen.

Duiven die enkele uren van de eitjes aflopen is geen enkel probleem, tenzij het stevig vriest. Ook van kleine jongen mogen ze gerust een paar uur aflopen. Duiven kunnen veel hebben en zijn taai. Ik heb duiven half opgegeten of zwaar aangevlogen thuis zien komen. Daarom ben ik er niet flauw mee: hier staat alles open, open hok voor de jongen, en ze slenteren de hele dag rond.

Verliezen horen erbij

Natuurlijk grijpen de roofvogels ook hier jongen. Dit jaar zijn de eerste alweer ten prooi gevallen. Ze worden er alert van, en ik kan er nu eenmaal niet de hele dag bij blijven staan.

Afgelopen jaar was ik door een foute lossing de eerste vlucht gelijk zestig jongen kwijt. Moet ik dan wakker liggen van die paar jongen die ze opeten? Als ze een bewezen oude pakken, doet het me meer pijn.

Ik wacht dus nog even met het loslaten van de oude duiven tot alle jongen gespeend zijn — over een dag of tien dus. De eerste dagen blijf ik dan wel in de buurt.

De eerste nieuwe zakken Championsmix en NPO‑mix (voortaan beide 20 kg) zijn aangekomen bij Ronny van Tilburg voor productie. Daar worden de verbeterde mengelingen opgezakt en klaargemaakt voor uitlevering. In de loop van deze en volgende week worden de eerste zakken uitgerold naar de winkeliers die hun bestelling als eersten hebben geplaatst.

Sinds de volledige overdracht van de distributie van alle Embregts‑Theunis producten aan Ronny hebben wij zelf geen actueel overzicht meer van welke winkels de nieuwe zakken als eerste op voorraad zullen hebben. Wil je zeker weten of jouw lokale winkel al is beleverd, neem dan even rechtstreeks contact op met de winkelier.

Hoeven en omstreken

Met deze overgang sluiten wij ook ons eigen afhaalpunt in Hoeven. Voor liefhebbers in de buurt neemt Tuincentrum en Vogelspeciaalzaak W. Brabers deze rol vanaf aanstaande zaterdag van ons over, slechts enkele straten verderop. Vanaf dat moment ligt daar onze verbeterde mengeling op voorraad.
Adres: Achter Het Hof 84, 4741 TN Hoeven.

Let op: dit betekent dat ons eigen afhaalpunt per direct gesloten is. Morgen (woensdagmiddag) is het dus niet meer mogelijk om bij ons voer af te halen.